Technieken

GRAFISCHE WERKWIJZEN

Ets is een afdruk verkregen via diepdruktechniek. Ets is opgebouwd uit lijnen of toonprocédé waarbij de voorstelling is opgebouwd uit vlakken met verschillende toonwaarden. Na polijsten wordt op de plaat een zuurbestendige etsgrond aangebracht. De etsgrond wordt op de verwarmde plaat gesmolten en in een dunne laag gelijkmatig verdeeld of als vloeibare oplossing transparant aangebracht.

De waslaag wordt met een kaarsvlam beroet, zodat het koper dat door het tekenen in de waslaag vrijkomt, goed zichtbaar is. Men kan direct in de grond tekenen met een stompe etsnaald, of via een overgebrachte tekening. De gradaties in licht en donker verkrijgt men door minder of dieper te bijten. Partijen die voldoende gebeten zijn, worden na een tussentijdse proefdruk afgedekt met transparante dekvernis. Na het ininkten wordt de plaat schoongeveegd en afgedrukt. Van een koperplaat zijn ca. 50 goede en ca. 200 redelijk goede afdrukken te vervaardigen, van een zinken plaat ca 30 resp. ca. 120.

Litho/Steendruk is een via vlakdrukprocédé verkregen afdruk (meestal papier) van een op steen of metalen plaat aangebrachte afbeelding. Men tekent met lithografische inkt of met lithografisch krijt. Gebruikt men inkt, dan moet de steen glad gepolijst en met een weinig lijnolie vet gemaakt zijn. Gebruikt men krijt dan dient de steen gegreind (korrelig oppervlak) te zijn. Nadat de afbeelding is aangebracht, wordt de steen behandeld met verdund salpeterzuur en Arabische gom. De Arabische gom dringt in de poriën van de steen waar niet getekend is. Het salpeterzuur veroorzaakt een chemisch proces, waarbij het krijt wordt gefixeerd. Sponst men de steen af, dan blijven de niet getekende gedeelten vochtig en kan worden ingerold met drukinkt, waarbij de inkt alleen op de getekende gedeelten van de steen blijft staan. Met de geïnkte steen kan vervolgens een afdruk, de litho, verkregen worden. Voor een kleurenlitho worden twee stenen gebruikt. Eén voor de eigenlijke tekening en één voor de kleur. Voor elke kleur wordt een aparte kleurensteen gebruikt.

Zeefdruk wordt bij de druktechnieken gerekend, hoewel een “druk uitoefenen” zoals bij hoog-, diep- en vlakdruk niet plaatsvindt. Eigenlijk is zeefdruk een verbeterde sjablonentechniek. De beelddrager bij de zeefdruk bestaat uit een raam waarop metaal-, polyester- of nylongaas is gespannen. Op het gaas wordt een sjabloon gehecht, dat op verschillende manieren kan worden verkregen, o.a. door snijden, fotochemische methoden, tekenen met de hand of andere combinaties hiervan. Met een rubberen strip (rakel) ter breedte van het sjabloon wordt een speciale inkt door de niet-afgedekte gedeelten van het gaas op het materiaal overgebracht. Door middel van deze techniek kan het drukbeeld op zeer verschillende materialen worden toegepast.

Glicée
De term giclée is van Franse oorsprong, en betekent “stralen”of “vernevelen”, als aanduiding voor een techniek die gebruik maakt van ononderbroken inktstralen voor het aanbrengen van de verschillende kleurlagen.

Hoewel op de Nederlandse kunst markt nog relatief onbekend, de giclée is in de Verenigde Staten reeds algemeen geaccepteerd. Zelfs musea aldaar gaan over tot het exposeren van giclée’s om daarmee het originele werk te beschermen tegen invloeden van buitenaf.

De giclée’s worden door de kunstenaar zelf gesigneerd en genummerd.

DRUKTECHNIEKEN

Hoogdruk is een grafische werkwijze, waarbij de afdruk wordt verkregen met behulp van een drukvorm, waarin de elementen die tot het beeld behoren verhoogd liggen. Op het hoogliggende, vrijwel vlakke beeld, kan op eenvoudige wijze drukinkt worden aangebracht, zonder dat de dieper gelegen delen worden besmet. Als de ingeïnkte vorm onder druk op een nagenoeg vlak oppervlak wordt aangebracht dat de inkt kan opnemen, zal alleen het hoogliggende, ingeïnkte beeld ermee in aanraking komen en de afdruk maken.

Diepdruk is een grafische werkwijze, waarbij de afdruk wordt verkregen met behulp van een drukvorm, waarin de beeldvormende elementen verdiept zijn aangebracht. De drukinkt wordt in de verdiepte delen gebracht en het oppervlak inktvrij gemaakt. Als het papier daarna met grote kracht tegen de drukvorm wordt geperst zal het in aanraking komen met de inkt in de verdiepte delen en kan het inkt daaruit opnemen en meetrekken, zodat op het papier een afdruk ontstaat.

Vlakdruk is een grafische werkwijze, waarbij de afdruk wordt verkregen met behulp van een drukvorm, waarin drukkende en niet-drukkende elementen in één vlak liggen en zich onderscheiden door het aantrekken en afstoten van het drukmedium. Hoewel het in principe niet is uitgesloten dat ook andere combinaties voor dit doel geschikt zijn, maakt de bekende vlakdruk uitsluitend gebruik van het onderling afstoten van water en vet.

GICLÉEPRINT

Als kunst-drukmethode is de Giclée voor de Nederlandse Fine-Art markt tamelijk nieuw. De techniek is speciaal ontwikkeld om te kunnen voldoen aan de kritische eisen van Fine-Art collectors en kenners van museumkwaliteit limited-editions.

Het originele kunstwerk wordt digitaal opgenomen waarna via allerlei technische aanpassingen het digitaal bestand gereed komt voor de uiteindelijke druk.

Het drukken van een giclée gebeurt met uiterste precisie via een rotatiedrum. Het drukken van een hoogwaardige kwaliteits-giclee op een formaat van A0 kan tot anderhalf uur duren. Er kan nooit meer dan één giclée tegelijk gedrukt worden. Het eerste wat de kenner zal opvallen aan de giclée drukken is de praktisch rasterloze fijnheid, enorme beelddiepte, de zeer hoge scherpte en detaillering alsmede diepe kleuren met zachte overgangen. De giclée drukken hebben een fluweelzachte uitstraling.

GRAFIEK

Grafiek of prentkunst, verzamelnaam voor producten die worden verkregen door op een plaat of platte vorm een voorstelling aan te brengen en deze af te drukken op een ander materiaal, meestal papier. Op deze wijze kan een reeks van identieke afbeeldingen geproduceerd worden. Voor het bewerken van de plaat kunnen verschillende druktechnieken worden gebruikt; o.a. hoogdruk, diepdruk en vlakdruk. Grafische werkwijzen zijn o.a.: ets, litho/steendruk en zeefdruk.

Van oorsprong werd het drukken door de kunstenaar zelf gedaan. Echter met het vervolmaken van het, in de reclamewereld, zeefdrukken aan het eind van de zestiger jaren, ontstonden er ongekende mogelijkheden voor de kunstenaars. Een aantal kunstenaars ontwikkelde zelf het zeefdrukken als nieuwe grafiektechniek. Een groot aantal echter, zoals Corneille, Eugene Brands, Theo Wolvecamp, Karel Appel en Herman Brood, laten hun ontwerpen fotografisch, of zelfs met de hand aanbrengen op zeeframen, door hierin gespecialiseerde kunstzeefdrukkers. Dit laatste heeft hen de gelegenheid geboden om een groot grafiek oeuvre te produceren.

Bij litho’s en zeefdrukken loopt de kwaliteit van het afgedrukte werk niet terug. In theorie is het dus mogelijk om duizenden afdrukken van één origineel te produceren.

Wil men de afdruk echter als origineel grafiek betitelen, dan dient aan een aantal voorwaarden voldaan te worden. Namelijk: elke afdruk moet door de kunstenaar met de hand zijn gesigneerd en de oplage mag niet hoger zijn dan 500 stuks.

Een aantal legale trucs biedt de kunstenaar de mogelijkheid zijn oplage per grafiek toch iets op te schroeven. Zo mag hij een zogeheten 2e editie uitgeven. Deze 2e editie wordt meestal Romeins genummerd. Het aantal afdrukken van die editie mag echter niet hoger zijn dan de eerste oplage.

Daarnaast kunt U ook grafieken tegenkomen, al dan niet genummerd, met de volgende vermeldingen: E/A (epreuve d’artist), A/P (artist proof), H/C (hors commerce; niet voor de Verkoop) en PP (printers proof). De oplage per grafiek, voorzien van één van deze vermeldingen, mag doorgaans niet hoger zijn dan 30 stuks.